Freelancers en werkgevers-auteursrecht op software

(Bron: Mr. Vivienne Verlinden-Masson van PlasBossinade) Wie is auteursrechthebbende op een werk (bijv. een tekst, software etc.) dat in dienstverband is gemaakt? Op grond van artikel 7 van de Auteurswet (Aw) is dat vaak de werkgever. Dit artikel is echter niet van toepassing op freelance-situaties. In deze bijdrage wordt het ‘werkgevers-auteursrecht' in relatie tot een freelancer besproken aan de hand van een recent arrest van het hof Arnhem.

Auteursrecht

Het auteursrecht komt toe aan de ‘maker' van het werk. Dat is degene die de intellectuele inspanning verricht. Art. 7 Aw vormt een van de uitzonderingen op deze hoofdregel. Hiervoor gelden twee voorwaarden:

  1. Er moet een dienstverband zijn, oftewel een gezagsverhouding. Dat is bijvoorbeeld het geval bij een arbeidsovereenkomst.
  2. Het maken van auteursrechtelijke werken moet onderdeel zijn van de taakomschrijving van de werknemer.

Casus: Freelancer

In de procedure bij het hof ging het om het volgende. Een ICT'er kwam in contact met een bedrijf dat werk voor hem had, voornamelijk bestaande uit het ontwerpen van websites en het modelleren van data. De werkzaamheden geschiedden eerst op basis van een ‘werkervarings-contract' via de Gemeente en daarna op freelance basis zonder dat er een contract was opgemaakt.

Na enige tijd ontstond een conflict over de vraag wie auteursrechthebbende was op de software die de man voor het bedrijf had ontwikkeld. De ICT-er stelde als maker ook de auteursrechthebbende te zijn maar het bedrijf beriep zich op art. 7 Aw.

Volgens het hof is niet voldaan aan de eerste voorwaarde van art. 7 Aw (gezagsverhouding). Het bedrijf had niet de bevoegdheid aan de man aanwijzingen en instructies te verstrekken. Daarom is de man, op grond van de hoofdregel, auteursrechthebbende.

Het Hof liet het bedrijf echter niet geheel met lege handen achter. Het Hof oordeelde dat de vraag wie de broncode, het beheer en het exploitatierecht met betrekking tot de software toekwam afhankelijk was van wat partijen hadden afgesproken en kwam tot de conclusie dat een en ander in dit concrete geval aan het bedrijf toekwam.

Conclusie

Deze uitspraak leert ons weer dat het belangrijk is bij het aangaan van een dienstverband of een freelance-relatie in een contract vast te leggen wat de inhoud van de functie is, aan wie welke rechten toekomen en wat die rechten exact inhouden.


Nieuwe risico's bij softwaregebruik

(Bron: De Accountant oktober 2011) Elk product dat wordt gebruikt brengt zijn eigen risico's met zich. Een huis kan afbranden en met een auto kun je botsen. Software kent zijn eigen toenemende risico's.

De risico's van software nemen onder invloed van wet- en regelgeving en andere maatschappelijke ontwikkelingen nog steeds toe. En dit wordt verergerd door een gebrek aan kennis over het ‘product' software en het auteursrecht dat daar op rust. Voor accountants, dus niet-juristen, moet dit zorgwekkend zijn. Zij komen in het Burgerlijk Wetboek voor in de volgende tekst: ‘De accountant brengt omtrent zijn onderzoek verslag uit aan de raad van commissarissen en aan het bestuur. Hij maakt daarbij tenminste melding van zijn bevindingen met betrekking tot de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking.' Deze wettelijke bepaling geldt nagenoeg voor elke rechtspersoon (nv, bv, cv, vof, stichting, vereniging). Vooral uitspraken over de continuïteit kunnen lastig zijn voor accountants, met name vanwege dat juridische aspect.

Lees de volledige tekst van dit artikel